Fiscaliteit van de elektrische bedrijfswagen in Belgie: de complete gids 2026

In 2026 blijft de elektrische wagen fiscaal veruit de interessantste keuze voor een bedrijf in Belgie. De belangrijkste punten: een elektrische bedrijfswagen die is besteld voor 1 januari 2027 blijft 100% aftrekbaar in de vennootschapsbelasting, het voordeel van alle aard (VAA) wordt berekend op het wettelijke minimumpercentage van 4%, en de verkeersbelasting blijft in de meeste gewesten sterk verlaagd. Fossiele wagens gaan daarentegen versneld hun aftrekbaarheid verliezen.
Deze gids overloopt elk mechanisme dat telt voor uw wagenpark. Hij is bedoeld voor financieel directeurs, comp and ben verantwoordelijken en fleet managers die hun autopolitiek moeten sturen.
Overzicht: elektrisch versus fossiel in 2026
Op zowat elke fiscale hefboom houdt de elektrische wagen in 2026 een duidelijke voorsprong. De onderstaande tabel vat de belangrijkste mechanismen samen. Elke lijn wordt in de volgende secties uitgewerkt.
Fiscale hefboom | Elektrische wagen (0 g CO2) | Fossiele wagen (benzine of diesel) |
|---|---|---|
Aftrekbaarheid in de vennootschapsbelasting | 100% bij aankoop of bestelling voor 2027 | Maximaal 50% in 2026, 25% in 2027, 0% vanaf 2028 |
VAA-percentage (voordeel alle aard) | Wettelijk minimum van 4% | Tot 18% volgens de CO2-uitstoot |
Verworpen uitgaven | 40% of 17% op een laag VAA | 40% of 17% op een hoger VAA |
Verkeersbelasting en BIV | Sterk verlaagd, regels per gewest | Volgens vermogen en CO2, veel hoger |
Energie of brandstof | Thuisladen terugbetaalbaar via het CREG-forfait of de werkelijke kost | Brandstofkosten, geen forfait |
Voordeel van alle aard: hoe het VAA wordt berekend
Wanneer een werknemer een elektrische bedrijfswagen ook prive gebruikt, wordt een voordeel van alle aard belast. De formule is: cataloguswaarde x CO2-percentage x 6/7 x leeftijdscoefficient. Omdat een elektrische wagen geen CO2 uitstoot, valt het CO2-percentage terug op het wettelijke minimum van 4%. De cataloguswaarde daalt met 6% per jaar (met een ondergrens van 70% na zes jaar).
Voor inkomstenjaar 2026 (inkomsten 2026) geldt bovendien een wettelijk minimum VAA van 1.690 euro per jaar. Voor cataloguswaarden onder ongeveer 49.300 euro is het net dat minimum dat u belast, ongeacht de exacte waarde van de wagen.
Twee rekenvoorbeelden maken dit concreet. Een nieuwe elektrische wagen met een cataloguswaarde van 45.000 euro geeft 45.000 x 4% x 6/7 = 1.542,86 euro, dus valt u terug op het minimum van 1.690 euro per jaar. Een wagen van 60.000 euro geeft 60.000 x 4% x 6/7 = 2.057,14 euro per jaar, boven het minimum. Ter vergelijking: een fossiele wagen met eenzelfde cataloguswaarde landt al snel op een veelvoud daarvan, omdat het CO2-percentage tot 18% kan oplopen.
Aftrekbaarheid: 100% vandaag, degressief vanaf 2027
Sinds 2026 zijn nieuwe fossiele bedrijfswagens fiscaal aan het uitdoven: hun aftrekbaarheid zakt naar maximaal 50% in 2026, 25% in 2027 en 0% vanaf 2028. Een zuiver elektrische wagen die u aankoopt of bestelt voor 1 januari 2027 blijft daarentegen 100% aftrekbaar gedurende de hele levensduur van de wagen. Het aankoopjaar bevriest met andere woorden het aftrekpercentage voor de volgende jaren.
Voor elektrische wagens aangekocht vanaf 2027 wordt de aftrekbaarheid geleidelijk afgebouwd. De onderstaande tabel toont het percentage volgens het aankoopjaar, dat vervolgens vast blijft voor de hele gebruiksduur.
Aankoopjaar elektrische wagen | Aftrekbaarheid (hele levensduur) |
|---|---|
2026 en vroeger | 100% |
2027 | 95% |
2028 | 90% |
2029 | 82,5% |
2030 | 75% |
2031 | 67,5% |
De boodschap voor wie nu beslist is duidelijk: een bestelling voor eind 2026 verankert de volledige aftrek voor de hele looptijd, terwijl elk uitstel het percentage doet dalen.
Verworpen uitgaven: 40% of 17% van het VAA
Naast de gewone autokosten moet de vennootschap een deel van het VAA als verworpen uitgave toevoegen aan het belastbaar resultaat. Dat aandeel bedraagt 40% van het VAA wanneer de werkgever de energie (of brandstof) van de wagen betaalt, en 17% in de andere gevallen. Het principe is hetzelfde voor elektrisch en fossiel, maar omdat het VAA van een elektrische wagen lager ligt, blijft de verworpen uitgave in absolute cijfers beperkt.
Belangrijk om te onthouden: zodra de werkgever de laadenergie ten laste neemt, springt het tarief van 17% naar 40%. Dat maakt een correcte opvolging van wie de energie betaalt, en tegen welke kost, meteen ook een fiscaal thema en niet louter een boekhoudkundig detail.
Verkeersbelasting en BIV: een zaak van de gewesten
De belasting op de inverkeerstelling (BIV) en de jaarlijkse verkeersbelasting zijn een gewestelijke bevoegdheid, dus de regels verschillen naargelang waar de wagen is ingeschreven. In Vlaanderen verdwijnt vanaf 1 januari 2026 de volledige vrijstelling voor nieuwe elektrische en waterstofwagens. Concreet betaalt een nieuwe elektrische wagen daar voortaan een BIV van 61,50 euro en een jaarlijkse verkeersbelasting tussen ongeveer 69,72 en 87,24 euro. Wie zijn elektrische wagen voor 2026 inschreef, behoudt de vrijstelling.
Ook met deze hervorming blijven de bedragen voor een elektrische wagen fors lager dan voor een vergelijkbare fossiele wagen, waar de belasting op vermogen en CO2 is gebaseerd. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en in Wallonie gelden eigen regels en tarieven; verifieer steeds het actuele regime van het gewest van inschrijving voordat u de totale kost van een wagen berekent.
Laadkosten: thuisladen en het CREG-forfait
De meeste bestuurders van een elektrische bedrijfswagen laden vooral thuis. Wanneer de werkgever die thuisgeladen energie terugbetaalt, kan dat op twee manieren: tegen de werkelijke kost, of via het forfait dat de energieregulator CREG per kwartaal publiceert. Dat CREG-forfait legt een maximumbedrag per kWh vast, en het is de woonplaats van de bestuurder die bepaalt welk gewestelijk tarief van toepassing is.
Voor het derde kwartaal van 2026 bedraagt dat maximumforfait 32,22 cent per kWh in Vlaanderen, 37,19 cent in Brussel en 37,83 cent in Wallonie. Belangrijk: dit forfait geldt uitsluitend voor het thuisladen, niet voor publiek laden. Het forfait is eenvoudig, maar het is niet altijd de meest correcte weerspiegeling van wat een sessie echt heeft gekost, zeker bij bestuurders met zonnepanelen of een specifiek stroomcontract.
De vergeten kostenpost: thuisladen correct terugbetalen
Eens de fiscaliteit is geoptimaliseerd (VAA, aftrekbaarheid, verworpen uitgaven, verkeersbelasting), blijft er een vraag die niemand stelt op het moment van bestellen: hoe volgt en betaalt u de energie op die uw medewerkers thuis laden? Voor een elektrisch wagenpark is dat vaak de grootste laadpost, en meteen ook de moeilijkste om tot op de cent correct te documenteren.
Voltaback doet precies dat, volledig in software en zonder enige hardware te installeren. De oplossing meet het thuisladen op de bestaande installatie van de bestuurder, of dat nu een gewoon stopcontact, een verzwaarde aansluiting of een laadpaal is, met of zonder digitale meter, in een appartement of een huis, zelfs met zonnepanelen. Er valt niets per wagen aan te schaffen. Elke laadsessie wordt aan een specifieke wagen gekoppeld, zodat fraude uitgesloten is, en de terugbetaling gebeurt tegen de werkelijke kostprijs tot op de cent, met het echte stroomtarief van de bestuurder en inclusief de laadverliezen. Zo kiest u zelf tussen het CREG-forfait en de werkelijke kost, met een sluitend bewijsstuk per maand.
Meer dan 180 bedrijven vertrouwen vandaag op Voltaback, waaronder namen als Philips, Equans, BNP Paribas, Lyreco en Sodexo. Het zijn stuk voor stuk organisaties met omvangrijke wagenparken en veeleisende financiele en fiscale teams, die net daarom kiezen voor een terugbetaling op basis van de werkelijke kost in plaats van een ruw forfait. De precisie van de berekening is onafhankelijk erkend door Bureau Veritas, met een gemiddelde afwijking van 1,22%, en de oplossing is ISO 27001-gecertificeerd en AVG-conform. Voltaback steunt op de MID-gecertificeerde meter van de woning zelf, niet op een losse kabelmeter. Prijzen starten vanaf minder dan 13 euro per maand per wagen, afhankelijk van de grootte van het wagenpark en zonder hardwarekosten.
Wilt u weten wat dit voor uw wagenpark betekent? Neem contact op voor een demo op maat.
FAQ
Ja. Een elektrische wagen die is besteld of aangekocht voor 1 januari 2027 blijft 100% aftrekbaar gedurende zijn hele levensduur, terwijl fossiele wagens al zakken naar maximaal 50% in 2026 en 0% vanaf 2028. Daarbovenop komt een laag VAA (berekend op 4%) en een sterk verlaagde verkeersbelasting. De combinatie maakt elektrisch fiscaal veruit de voordeligste keuze.
De formule is cataloguswaarde x 4% x 6/7 x leeftijdscoefficient. Voor inkomstenjaar 2026 geldt een wettelijk minimum van 1.690 euro per jaar. Voor cataloguswaarden onder ongeveer 49.300 euro is het dat minimum dat wordt belast.
Ja, op voorwaarde dat u de wagen bestelt of aankoopt voor 1 januari 2027; dan blijft de 100% aftrek behouden voor de hele gebruiksduur. Voor aankopen vanaf 2027 daalt het percentage geleidelijk: 95% in 2027, 90% in 2028, 82,5% in 2029, 75% in 2030 en 67,5% in 2031. Het aankoopjaar bevriest het percentage.
De laadenergie verandert het bedrag van het VAA op zich niet. Maar zodra de werkgever de energie ten laste neemt, stijgt het aandeel verworpen uitgaven van 17% naar 40% van het VAA. Een correcte opvolging van wie de energie betaalt en tegen welke kost is dus ook fiscaal van belang.
Ja. Dat kan tegen de werkelijke kost of via het CREG-forfait (een maximum per kWh, waarbij de woonplaats van de bestuurder het gewestelijk tarief bepaalt, en dat enkel geldt voor thuisladen). In beide gevallen hebt u een individuele opvolging per wagen nodig die de echt verbruikte energie en de reele kost isoleert.
Geschreven door Aubin Aycaguer, Chief of Staff bij Voltaback. Voltaback is het softwareplatform dat het thuisladen van elektrische wagenparken opvolgt en terugbetaalt tegen de werkelijke kostprijs, zonder hardware te installeren.
Aanbevolen artikelen
Entreprise
Fiscalité de la voiture électrique en entreprise : le guide complet 2026
Tous les barèmes 2026 de la fiscalité des véhicules électriques de flotte : amortissement, avantage en nature, TVA, taxes annuelles, verdissement LOM. Et le poste souvent oublié, la recharge à domicile.
Company
How to reimburse employees for home charging of company EVs: the 2026 compliance guide
How to reimburse employees for home charging of company EVs, compliantly. Flat-rate vs actual cost, the records you need, and the real home vs public saving.
Operator
Home charging: the overlooked blind spot of fleet electrification (2026)
Home charging is where most fleet EV energy is delivered, yet it stays invisible on the balance sheet. Here is how to close the blind spot in 2026.