Laadpalen voor uw bedrijf: kosten, stappen en het juiste aantal in 2026
Laadpalen op de zaak in 2026: kosten per laadpunt, netcongestie, NEN 1010, stappenplan en het juiste aantal bepalen als leaseauto's vooral thuis laden.
Aubin Aycaguer, Chief of Staff, Voltaback3 nov 2026

Een AC-laadpunt op de zaak kost in 2026 grofweg 1.500 tot 4.000 euro per punt inclusief installatie, afhankelijk van graafwerk, de meterkast en de netaansluiting. De grootste besparing zit niet in de prijs per paal, maar in het aantal: de meeste leaseauto's laden thuis, dus een bedrijf heeft vaak veel minder laadpunten nodig dan het aantal auto's.
In dit artikel leest u wat een laadpunt kost, hoe het traject verloopt van behoefte tot keuring, wat u doet bij netcongestie, wie de stroom betaalt en hoe u het aantal laadpunten bepaalt met een rekenvoorbeeld voor 50 auto's. Voltaback installeert zelf geen laadpalen, maar helpt meer dan 200 bedrijven om offertes te vergelijken en het thuisladen te vergoeden, zodat de zaak alleen laadpunten krijgt voor wat echt nodig is.
Wat kost een laadpaal voor een bedrijf?
De prijs van een laadpunt op de zaak bestaat uit meer dan de paal. Onderstaande bedragen zijn ordes van grootte, exclusief btw. Ze verschillen sterk per locatie, dus vraag altijd meerdere offertes.
Post | Orde van grootte | Wat de prijs bepaalt |
|---|---|---|
AC-laadpaal 11 of 22 kW, per laadpunt | circa 1.000 tot 3.000 euro | Merk, enkel of duo, kabel of contactdoos, beheerfuncties |
Installatie en bekabeling | enkele honderden tot enkele duizenden euro's | Afstand tot de meterkast, aantal punten |
Graafwerk en bestrating | sterk wisselend | Lengte van de sleuf, type ondergrond |
Uitbreiding meterkast of netaansluiting | sterk wisselend | Huidige capaciteit, netcongestie in uw regio |
DC-snellader vanaf 50 kW | vanaf ruwweg 15.000 euro | Vermogen, netaansluiting |
Beheer en onderhoud | jaarlijks | Backoffice, storingsdienst, periodieke inspectie |
Een duopaal met twee laadpunten is per punt meestal goedkoper dan twee losse palen. En de laatste meters bekabeling naar een verre parkeerplaats kosten vaak meer dan de paal zelf. Plaats laadpunten daarom zo dicht mogelijk bij de verdeelinrichting.
Kosten die offertes vaak niet noemen
Een offerte vergelijkt u pas eerlijk als deze posten erin staan:
- Backoffice-abonnement per laadpunt per maand, nodig voor pasbeheer, verrekening en storingsmeldingen;
- storingsdienst en onderhoud, met een reactietijd die past bij hoe belangrijk de punten zijn;
- periodieke inspectie van de elektrische installatie;
- aanrijdbeveiliging, belijning en bebording op het parkeerterrein;
- een energiemanagementsysteem voor load balancing met het gebouw;
- vervanging van laadkabels, die bij intensief gebruik eerder slijten dan de paal.
MID-meter en OCPP: niet onderhandelbaar
Een laadpaal op de zaak heeft twee functies die u later niet goedkoop kunt toevoegen. Een ingebouwde MID-gecertificeerde meter maakt verrekening per kWh betrouwbaar en is nodig om de geladen stroom als ERE in te boeken. OCPP zorgt dat u van backoffice kunt wisselen zonder de paal te vervangen. Een paal zonder beide functies is goedkoper bij aanschaf en duurder in gebruik.
AC of DC, 11 of 22 kW?
Voor auto's die een werkdag op de zaak staan, is AC 11 kW bijna altijd voldoende: in acht uur laadt een auto ruim 80 kWh, meer dan een volle accu van de meeste leaseauto's. Veel auto's laden AC trouwens maximaal met 11 kW, ook aan een paal van 22 kW. DC-snelladers zijn zinvol voor deelauto's, servicebussen met korte stops of bezoekers die snel weer weg moeten. Hoe een volledige laadinstallatie technisch in elkaar zit, leest u in ons artikel over laadinfrastructuur.
Wanneer loont een snellader op de zaak?
Een DC-snellader kost een veelvoud van een AC-punt en vraagt een zware aansluiting. Hij loont alleen als auto's kort stilstaan en toch veel moeten laden: servicebussen die tussen twee ritten een half uur op de zaak zijn, deelauto's die meerdere keren per dag rijden, of een wagenpark zonder thuislaadmogelijkheid. Voor auto's die de hele dag stilstaan, levert een snellader niets op wat een 11 kW-punt niet ook doet.
Waar plaatst u de laadpunten?
De plek bepaalt een groot deel van de kosten en het gebruiksgemak:
- Dicht bij de verdeelinrichting. Elke meter kabel en sleuf kost geld. Een rij laadplekken direct naast het gebouw is vaak de helft goedkoper dan een rij achter op het terrein.
- Op plekken die niet de beste zijn. Wie laadplekken vooraan legt, krijgt ze bezet door auto's die niet laden. Iets verder weg werkt beter, met duidelijke bebording.
- Toegankelijk. Neem minstens één ruimere laadplek op die ook bruikbaar is voor iemand met een rolstoel.
- In een parkeergarage: overleg vooraf. Laadpunten in een ondergrondse of overdekte garage vragen extra aandacht voor brandveiligheid. Overleg met uw verzekeraar en installateur welke maatregelen zij verwachten.
- Ruimte voor groei. Leg bij graafwerk direct lege mantelbuizen naar extra plekken. Later opnieuw de bestrating openbreken is veel duurder.
Huurt u het pand?
Dan heeft u toestemming van de verhuurder nodig, en moet u afspreken wie eigenaar is van de laadpunten en wat er gebeurt aan het eind van de huur. Leg ook vast wie de aansluiting verzwaart en betaalt. De SPRILA kan ook op gehuurd terrein, maar de afspraken met de verhuurder moeten rond zijn voordat u investeert.
Stappenplan: laadpalen op de zaak in 6 stappen
1. Bepaal de behoefte
Begin niet bij de paal, maar bij de auto's. Hoeveel elektrische auto's komen er, hoeveel kilometer rijden ze, waar staan ze 's nachts, en hoeveel daarvan laden thuis? Ook bezoekers en medewerkers met een eigen elektrische auto horen in deze inventarisatie.
2. Laat een schouw doen
Een installateur bekijkt de meterkast, de beschikbare capaciteit van uw aansluiting, de afstand tot de parkeerplaatsen en het graafwerk. Hier blijkt of uw huidige aansluiting volstaat of dat u moet verzwaren.
3. Regel de netaansluiting
Is verzwaring nodig, vraag die dan zo vroeg mogelijk aan bij uw regionale netbeheerder. In regio's met netcongestie kan dat lang duren (zie hieronder).
4. Vraag en vergelijk offertes
Vraag minimaal drie offertes op basis van dezelfde uitgangspunten: aantal laadpunten, vermogen, load balancing, OCPP-compatibiliteit en onderhoud. Let op verschillen in wat wel en niet is inbegrepen, zoals graafwerk en de aanpassing van de meterkast.
5. Installatie en keuring
De installatie moet voldoen aan NEN 1010, de Nederlandse norm voor laagspanningsinstallaties. Laat de installateur na oplevering een opleveringsrapport en meetrapport afgeven. Voor bedrijfsinstallaties is periodieke inspectie gebruikelijk, bijvoorbeeld volgens NEN 3140, om aan de Arbo-verplichtingen te voldoen.
6. Beheer en verrekening
Kies hoe u de laadpunten beheert: wie mag laden, met welke pas, en hoe de stroom wordt verrekend. Kies een paal die via OCPP communiceert, zodat u niet vastzit aan één beheerder. OCPP 1.6 of hoger is bovendien een voorwaarde voor de SPRILA-subsidie.
Hoe lang duurt het traject?
Fase | Doorlooptijd, ordegrootte |
|---|---|
Behoefte en schouw | 2 tot 4 weken |
Offertes en keuze | 3 tot 6 weken |
Installatie zonder verzwaring | enkele dagen tot 2 weken |
Verzwaring van de aansluiting zonder congestie | enkele maanden |
Verzwaring in een gebied met netcongestie | onzeker, soms jaren |
Zonder verzwaring staat er dus binnen twee à drie maanden een werkende laadplek. Met verzwaring in een congestiegebied bepaalt de netbeheerder de planning, niet u.
Netcongestie: als het net vol is
In grote delen van Nederland is het elektriciteitsnet vol. Volgens de laatste cijfers van Netbeheer Nederland stonden medio 2025 ruim 14.000 bedrijven en instellingen in de wachtrij voor extra afnamecapaciteit bij de regionale netbeheerders. Op de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland ziet u per gebied of er ruimte is, beperkte ruimte, of een wachtrij.
Staat uw locatie in een rood of oranje gebied, dan zijn er alternatieven:
- Load balancing: de laadpalen verdelen het beschikbare vermogen onderling en houden rekening met het verbruik van het gebouw. Zo laadt u meer auto's binnen dezelfde aansluiting.
- Slim laden: laden op momenten dat het gebouw weinig verbruikt, zoals 's avonds of in het weekend.
- Flexibele contractvormen: netbeheerders bieden steeds vaker transportcontracten met beperkingen op bepaalde tijden. Vraag uw netbeheerder naar de mogelijkheden in uw regio.
- Minder laadpunten op de zaak: wie het thuisladen goed regelt, heeft op de zaak minder vermogen nodig. Dat is vaak de goedkoopste oplossing voor netcongestie.
Zonnepanelen en een batterij
Een bedrijf met zonnepanelen op het dak kan overdag eigen stroom in de auto's laden. Dat past goed bij auto's die tijdens kantooruren op de zaak staan. Een batterij kan pieken opvangen, zodat er meer laadvermogen beschikbaar is zonder verzwaring; de SPRILA subsidieert ook batterijopslag. Reken wel na of de batterij zichzelf terugverdient: bij een klein aantal laadpunten is load balancing vaak goedkoper.
Wat is wettelijk verplicht?
Voor bestaande en nieuwe utiliteitsgebouwen met een parkeerterrein gelden minimumeisen voor laadpunten en leidinginfrastructuur in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Kort gezegd: een bestaand utiliteitsgebouw met meer dan 20 parkeerplaatsen moet minimaal één laadpunt hebben. Die eisen zijn een ondergrens, geen advies over wat uw wagenpark nodig heeft. Wat er precies geldt, leest u in ons artikel over de laadpaalplicht voor bedrijfsgebouwen.
Subsidie en fiscale aftrek
In 2026 is de SPRILA van RVO beschikbaar voor private laadpunten op eigen of gehuurd terrein. Een selectie van de bedragen:
Laadpunt | Groot bedrijf | Mkb |
|---|---|---|
AC 11 kW, één laadpunt | 400 euro | 800 euro |
AC duopaal 2 x 11 kW | 800 euro | 1.600 euro |
DC vanaf 50 kW | 4.880 euro | 9.760 euro |
De voorwaarden die in de praktijk het meest uitmaken:
- Minimaal 2.500 euro subsidie per locatie. Een mkb-bedrijf heeft dus minstens vier AC-laadpunten van 11 kW nodig, bijvoorbeeld twee duopalen.
- Privé, niet publiek: de laadpunten zijn voor een vaste groep gebruikers en mogen 24 maanden na vaststelling niet als publiek toegankelijk geregistreerd staan.
- Altijd online, OCPP 1.6 of hoger.
- Aanvragen tot 18 december 2026, 12.00 uur, op volgorde van binnenkomst. Medio oktober 2026 was het grootste deel van het budget voor laadpunten al aangevraagd.
Bron: RVO, SPRILA Aanschaf
Daarnaast komt een laadpaal in aanmerking voor de KIA, en schrijft u hem fiscaal af in minimaal vijf jaar. MIA en Vamil gelden niet meer voor laadpunten. Alle regelingen met een rekenvoorbeeld vindt u in ons artikel over subsidie voor een laadpaal bij een bedrijf.
ERE: laadstroom op de zaak levert iets op
Stroom die op de zaak in elektrische auto's wordt geladen, kan via een inboekdienstverlener als hernieuwbare energie voor vervoer (ERE) worden ingeboekt bij de Nederlandse Emissieautoriteit. Voorwaarde is een MID-gecertificeerde meter per laadpunt. De opbrengst wisselt met de markt, maar verlaagt de netto kosten van laden op de zaak.
Wie betaalt de stroom op de zaak?
Auto van de zaak
Laadt een werknemer de auto van de zaak op de zaak, dan betaalt de werkgever de stroom. Fiscaal is dat geen punt: de stroom hoort bij de kosten van de zakelijke auto.
Privéauto van de werknemer
Laadt een werknemer zijn eigen elektrische auto gratis aan de laadpaal van de werkgever, dan is dat volgens de Belastingdienst in beginsel loon. De gratis stroom telt mee binnen de onbelaste reiskostenvergoeding, die in 2026 maximaal 0,25 euro per zakelijke kilometer is (inclusief woon-werkverkeer). Wat daarboven uitkomt, kunt u als eindheffingsloon in de vrije ruimte van de werkkostenregeling onderbrengen, of u laat de werknemer betalen voor zijn laadsessies. Bron: Rijksoverheid, maximale reiskostenvergoeding.
Wilt u medewerkers laten betalen, dan heeft u een laadpaal met pasherkenning en een backoffice nodig. Welk tarief rekent u? Drie gangbare keuzes:
Tarief voor privéauto's | Gevolg |
|---|---|
Uw eigen inkoopprijs per kWh, inclusief belastingen | Geen voordeel voor de werknemer, dus geen loon |
Lager dan de inkoopprijs | Het verschil is loon, binnen de reiskostenvergoeding of de vrije ruimte |
Gratis | De volledige stroom is loon, zoals hierboven beschreven |
Let op de btw: rekent u een tarief aan werknemers, dan is dat een levering waarover u in beginsel btw afdraagt. Laat dat door uw adviseur bevestigen voor uw situatie. Leg de keuze vast in een laadregeling, zodat iedereen weet waar hij aan toe is.
Een laadregeling voor de zaak
Leg de spelregels vast voordat de eerste paal er staat. Een goede laadregeling beantwoordt vijf vragen:
- Wie mag laden? Auto's van de zaak, poolauto's, privéauto's van medewerkers, bezoekers.
- Wie heeft voorrang? Bijvoorbeeld poolauto's en bestuurders zonder thuislaadmogelijkheid.
- Hoe lang mag een auto aan de paal staan? Na het volladen verplaatsen, zodat een collega kan laden.
- Wat kost het? Gratis voor auto's van de zaak, een tarief per kWh voor privéauto's.
- Hoe wordt het verrekend? Via de laadpas en de backoffice, met maandelijkse afrekening.
Een regeling die ontbreekt, leidt binnen een paar maanden tot volle palen met auto's die al vol zijn, en tot discussie over wie wel en niet gratis laadt.
Waar laden de auto's echt?
Voor een leaserijder met een eigen oprit is thuis laden het goedkoopst en het makkelijkst: de auto staat er elke nacht, en de stroom kost thuis vaak minder dan aan een publieke laadpaal. Een deel van het wagenpark laadt daarom vooral thuis, een deel op de zaak, en een deel publiek of onderweg.
Rekenvoorbeeld: 50 auto's
Neem 50 elektrische leaseauto's die elk 25.000 km per jaar rijden, met een verbruik van 18 kWh per 100 km. Dat is 4.500 kWh per auto per jaar, of ruwweg 20 kWh per werkdag.
Verdeling | Aandeel | kWh per werkdag (50 auto's) |
|---|---|---|
Thuis | 70 % | circa 700 kWh |
Op de zaak | 20 % | circa 200 kWh |
Publiek en onderweg | 10 % | circa 100 kWh |
Een AC-laadpunt van 11 kW levert in een werkdag van negen uur theoretisch bijna 100 kWh. Met wisselende aanwezigheid en auto's die niet de hele dag aan de paal staan, is 50 tot 60 kWh per laadpunt per dag realistischer. Voor 200 kWh per dag heeft u dan 4 tot 6 laadpunten nodig, niet 50. Met een paar extra punten voor bezoekers en piekdagen komt u uit op 6 tot 10.
Het verschil is groot. Bij 2.500 euro per laadpunt scheelt het tussen de 100.000 en 110.000 euro aan investering, plus minder vermogen op een aansluiting die in veel regio's al krap is. Voorwaarde is wel dat het thuisladen goed geregeld is: gemeten per auto en tegen de werkelijke kosten vergoed. Hoe dit doorwerkt in de totale kosten van het wagenpark, leest u in ons artikel over de TCO van het wagenpark.
Wat betekent dat over vijf jaar?
Twee scenario's voor hetzelfde wagenpark van 50 auto's, voor een mkb-bedrijf. De bedragen zijn aannames om de orde van grootte te laten zien, exclusief btw en exclusief stroom (die in beide scenario's ongeveer gelijk is).
Post over 5 jaar | A: één laadpunt per auto | B: 8 laadpunten, thuisladen vergoed |
|---|---|---|
Laadpunten inclusief installatie, aanname 2.500 euro per punt | 125.000 euro | 20.000 euro |
SPRILA mkb, 800 euro per punt | min 40.000 euro | min 6.400 euro |
Backoffice, aanname 10 euro per punt per maand | 30.000 euro | 4.800 euro |
Onderhoud en inspectie, aanname 100 euro per punt per jaar | 25.000 euro | 4.000 euro |
Totaal | circa 140.000 euro | circa 22.400 euro |
Benodigd vermogen zonder load balancing | 550 kW | 88 kW |
Scenario A vraagt bovendien een aansluiting die in veel regio's niet beschikbaar is. In scenario B betaalt u het thuisladen wel, maar dat is stroom die de auto's in scenario A op de zaak hadden geladen. Het verschil zit dus vrijwel geheel in investering, abonnementen en netcapaciteit.
Welke oplossing voor welk profiel?
Profiel | Waar de auto 's nachts staat | Beste oplossing |
|---|---|---|
Leaserijder met eigen oprit | Thuis | Thuisladen, vergoed tegen werkelijke kosten |
Leaserijder in appartement zonder eigen laadpunt | Straat of parkeergarage | Laadpunt op de zaak, plus publiek laden met een laadpas |
Poolauto of deelauto | Op de zaak | AC-laadpunt op de zaak |
Servicebus met korte stops | Op de zaak of thuis | DC-snellader op de zaak of thuisladen |
Bezoekers | Op de zaak | Enkele AC-laadpunten met betaling per sessie |
Medewerker met eigen elektrische auto | Thuis | Laden op de zaak tegen betaling, of binnen de reiskostenvergoeding |
Wil een leaserijder thuis een laadpaal? Dat kan, maar het is geen voorwaarde om het laden te vergoeden. In ons artikel over de laadpaal met backoffice zetten we de kosten op een rij.

Fouten om te vermijden
- Een laadpunt per auto plannen. Het duurste en zelden nodige uitgangspunt, zie het rekenvoorbeeld hierboven.
- Kiezen op de prijs van de paal. De paal is vaak het kleinste deel van de rekening; graafwerk, meterkast en abonnementen bepalen de totale kosten.
- Een gesloten systeem kopen. Zonder OCPP zit u vast aan één backoffice, en mist u de SPRILA.
- De netbeheerder te laat bellen. Wie pas na de offertes een verzwaring aanvraagt, verliest maanden.
- Geen laadregeling. Dan staan de palen vol met auto's die al vol zijn.
- Thuisladen vergeten. Zonder een goede vergoeding van thuisladen gaan bestuurders op de zaak laden, en is uw berekening van het aantal laadpunten te laag.
Checklist voor de offerteaanvraag
Geef elke installateur dezelfde uitgangspunten mee:
- Aantal laadpunten nu en over drie jaar
- Gewenst vermogen per punt en load balancing met het gebouw
- Ingebouwde MID-meter en OCPP 1.6 of hoger
- Locatie op een tekening, met afstand tot de meterkast
- Graafwerk, bestrating, belijning en aanrijdbeveiliging inbegrepen of niet
- Backoffice, storingsdienst en reactietijd
- Opleverings- en meetrapport volgens NEN 1010
- Hulp bij de SPRILA-aanvraag
Veelgestelde vragen over laadpalen voor bedrijven
Een AC-laadpunt van 11 of 22 kW kost op de zaak grofweg 1.500 tot 4.000 euro inclusief installatie, exclusief btw. Graafwerk, de afstand tot de meterkast en een eventuele verzwaring van de aansluiting kunnen de prijs flink verhogen.
Minder dan het aantal elektrische auto's. Laden de meeste leaserijders thuis, dan volstaan voor 50 auto's vaak 6 tot 10 AC-laadpunten op de zaak. Het juiste aantal hangt af van waar de auto's 's nachts staan en hoeveel ze rijden.
Gebruik load balancing en slim laden om meer auto's binnen uw huidige aansluiting te laden, vraag uw netbeheerder naar flexibele contractvormen, en beperk het aantal laadpunten op de zaak door het thuisladen goed te regelen.
In beginsel wel. Volgens de Belastingdienst is gratis laden van een eigen auto bij de werkgever loon, dat meetelt binnen de onbelaste reiskostenvergoeding van maximaal 0,25 euro per km in 2026. Het meerdere kan in de vrije ruimte van de werkkostenregeling.
De installatie moet voldoen aan NEN 1010, de norm voor laagspanningsinstallaties, en worden uitgevoerd door een vakbekwame installateur. Voor bedrijfsinstallaties is periodieke inspectie, bijvoorbeeld volgens NEN 3140, gebruikelijk.
Een erkende elektrotechnisch installateur die laadpalen plaatst, installeert en keurt de installatie volgens NEN 1010. Vraag minimaal drie offertes op basis van dezelfde uitgangspunten, inclusief graafwerk, meterkast en onderhoud.
Zonder verzwaring van de aansluiting duurt het traject van schouw tot werkende laadpunten meestal twee à drie maanden. Is verzwaring nodig in een gebied met netcongestie, dan bepaalt de wachtrij bij de netbeheerder de planning.
Ja. In 2026 geeft de SPRILA van RVO 400 euro (groot bedrijf) of 800 euro (mkb) per AC-laadpunt van 11 kW, met een minimum van 2.500 euro per locatie. Aanvragen kan tot 18 december 2026. Daarnaast komt een laadpaal in aanmerking voor de KIA.
Dimensioneer op de echte behoefte
Laadpalen op de zaak zijn nodig, maar niet voor elke auto. Wie weet waar zijn auto's echt laden, investeert alleen in wat nodig is en voorkomt dat een krappe netaansluiting een rem op de elektrificatie wordt.
Met de simulator voor laadinfrastructuur ziet u welke mix bij uw wagenpark past. Voltaback helpt u daarnaast offertes van installateurs te vergelijken en vergoedt het thuisladen tegen de werkelijke kosten, met de MID-gecertificeerde meter van de woning in plaats van een losse kabelmeter. Wilt u uw situatie doorrekenen? Neem contact op met ons team.
Aanbevolen artikelen
Bedrijf
TCO elektrische auto: de werkelijke kosten per km tegenover benzine en diesel
TCO elektrische auto 2026: formule, kosten per 100 km, tabellen over 4 jaar bij lease en aankoop, MRB, bpm, btw en het effect van thuisladen.
Bedrijf
WPM-rapportage en leasekilometers: zo houdt u de kilometers van uw wagenpark bij zonder handwerk
WPM-rapportage: wie moet rapporteren, welke kilometers, de forfaitaire methode en omrekentabel. Plus meerkilometers in de lease tijdig bijsturen.
Bedrijf
Laadpaal verplicht op uw bedrijfsparkeerplaats? De regels van 2025 en 2027
Meer dan 20 parkeerplaatsen? Sinds 2025 minstens 1 laadpunt, vanaf 2027 1 per 10 plekken. Regels, kosten, rekenvoorbeeld en subsidie (Bbl, EPBD IV).